Algemeen.
De weg naar de hemel loopt dwars door de hel. Er gaan geen bekeerde mensen naar de hemel, maar onbekeerde mensen. Ja van Gods kant zijn ze bekeerd. Vanuit hun kant zijn ze gans onbekeerd.
Zie 2 Korinthe 4 vers 11: "„Want wij, die leven, worden altijd in den dood overgegeven om Jezus’ wil, opdat ook het leven van Jezus in ons sterfelijk vlees zou geopenbaard worden".
We liggen dood voor de dood. In Efeze 2 vers 1 staat: "EN u heeft Hij mede levend gemaakt, daar gij dood waart door de misdaden en de zonden". We liggen 100% dood. We moeten geloven ja! Maar een dode kan niks hoor. Van de mens is dus geen verwachting.
We moeten door Gods Woord en Zijn Geest worden levendig gemaakt. Maar dan zal er altijd een ellendig en een arm volk overblijven. Maar deze zullen op de Naam des Heeren betrouwen.
Gods gewone weg is dat Hij begint met de dadelijke zonden te laten zien en daarna worden ze terug geleid naar het paradijs. Dan zien ze dat ze zondaar zijn. Ze zijn zonde. Ze doen het niet alleen maar ze zijn het. Gans verloren, het beeld Gods kwijt. Zonder God op de wereld. Alles wat we bedenken is vijandschap tegen God. De gehele wet veroordeelt ons. Bekeert u bekeert u... die wet drijft ons naar Christus want bekeren kunnen we niet, de dood schuldig, gans verloren. Dan wordt de uitverkiezing je enige hoop! Dan kan het omdat God een weg in Christus uitgedacht heeft, die weg weet je met je hoofd. Maar dan gaat het erom geldt die voor mij? Is er een weg van ontkoming?
Psalm 51 vers 3 :
„’t Is niet alleen dit kwaad, dat roept om straf;
Neen, ’k ben in ongerechtigheid geboren;
Mijn zonde maakt mij ’t voorwerp van Uw toren,
Reeds van het uur van mijn ontvang’nis af.
Zie, Gij hebt lust tot waarheid in ’t gemoed;
Gij, HEER, Die weet, al wat ik heb misdreven,
Gij, die mijn geest met wijsheid hadt gevoed,
En in mijn ziel Uw Godd’lijk licht gegeven.”
De zonde is de ergste soort van slavernij! Hoe dieper we graven hoe walgelijker het wordt.
De diepe betekenis is van genade is dat we schuldig zijn er geen vergeving mogelijk is. Nergens recht op. Dan pas geldt genade. Dan kan het nog uit genade. Iets krijgen wat we niet verdienen. En waar we ook geen bijdrage aan kunnen doen, want anders is het geen genade.