De kerk Gods op aarde is geen reine kerk. Een kerk bestaat uit uitverkorene en verworpene, goud en schuim, vate ter ere en vate ter onere.
De uitverkiezing en de rechtvaardigmaking horen bij elkaar. Beide zijn van eeuwigheid. De kinderen Gods zijn van eeuwigheid al gekozen en rechtvaardig in Christus. De toepassing van deze gerechtigheid moet in de tijd geschieden.
Lukas 17 vers 34 : Ik zeg u: In dien nacht zullen twee op één bed zijn: de een zal aangenomen en de ander zal verlaten worden". Vers 35: "Twee vrouwen zullen tezamen malen: de ene zal aangenomen en de andere zal verlaten worden". Vers 36: "Twee zullen op den akker zijn: de een zal aangenomen en de ander zal verlaten worden".
Romeinen 9 vers 11-13: "Want als de kinderen nog niet geboren waren, noch iets goeds of kwaads gedaan hadden, opdat het voornemen Gods, dat naar de verkiezing is, vast bleve, niet uit de werken, maar uit den Roepende. Zo werd tot haar gezegd: De meerdere zal den mindere dienen; Gelijk geschreven is: Jakob heb Ik liefgehad, en Ezau heb Ik gehaat".
Efeze 1 vers 4: "Gelijk Hij ons uitverkoren heeft in Hem, voor de grondlegging der wereld, opdat wij zouden heilig en onberispelijk zijn voor Hem in de liefde".